Nabestaandenpensioen
Als u overlijdt, laat u misschien een partner en kinderen achter. Zolang u in de Koek-sector werkt, hebben uw partner en kinderen recht op een partner- en wezenpensioen. Uw partner krijgt bij uw overlijden dan iedere maand een uitkering. Net als uw kinderen, tot hun 18e verjaardag. Of tot hun 27e als ze nog studeren.
In de nieuwe pensioenregeling blijft het nabestaandenpensioen een pensioen op risicobasis. Het door u tot 1 januari 2003 opgebouwde nabestaandenpensioen blijft uiteraard behouden. Omdat het nabestaandenpensioen een verzekering op risicobasis is, bestaat ná het verlaten van de bedrijfstak in beginsel niet langer een spaarpotje voor het nabestaandenpensioen en komt er bij overlijden in beginsel ook geen uitkering voor een nabestaande. Om toch een nabestaandenpensioen te verkrijgen, bestaat de mogelijkheid bij uitdiensttreding of op pensioendatum een deel van het ouderdomspensioen in te ruilen voor een nabestaandenpensioen. Bij het verlaten van de bedrijfstak gebeurt deze uitruil automatisch. U kunt hier echter met instemming van uw eventuele partner van afzien.
Ondanks het risico-karakter van het nabestaandenpensioen, heeft de gewezen partner van de deelnemer altijd recht op bijzonder nabestaandenpensioen. De aanspraak op dit pensioen wordt vastgesteld alsof op de datum van scheiding de deelneming zou zijn beëindigd.


















