De pensioenregeling

Voor alle werknemers in de sector geldt de pensioenregeling van het Bedrijfstakpensioenfonds voor de Suikerverwerkende Industrie. Deze pensioenregeling is gemaakt door de vakbonden en de werkgeversorganisatie uit de sector. Zij hebben met elkaar afspraken gemaakt, die voor iedereen gelden. Dit zijn de belangrijkste punten: 

  • Als u geboren bent voor 1 januari 1950, blijft u deelnemen aan de huidige pensioenregelingen inzake levenslang- en prepensioen. Ook de overgangsregeling inzake de toeslag ontbrekende dienstjaren blijft bestaan.
  • Voor de overige werknemers is per 1 januari 2006 een nieuwe pensioenregeling van kracht.
  • De nieuwe regeling van de Koek bestaat alleen uit een regeling inzake levenslang ouderdomspensioen, nabestaandenpensioen en wezenpensioen. Er is geen sprake meer van een regeling inzake prepensioen.
  • De nieuwe pensioenregeling wordt een middelloonregeling. Het ouderdomspensioen is dus voortaan gebaseerd op het gemiddelde salaris tijdens uw loopbaan als werknemer.
  • U bouwt voortaan een hoger ouderdomspensioen op. Dit hogere ouderdomspensioen kunt u vervolgens ´naar voren schuiven´ om eerder dan op 65-jarige leeftijd met pensioen te kunnen.
  • In de nieuwe pensioenregeling blijft het nabestaandenpensioen een pensioen op risicobasis. Het door u tot 1 januari 2003 opgebouwde nabestaandenpensioen blijft uiteraard behouden. Omdat het nabestaandenpensioen een verzekering op risicobasis is, bestaat ná het verlaten van de bedrijfstak in beginsel niet langer een spaarpotje voor het nabestaandenpensioen en komt er bij overlijden in beginsel ook geen uitkering voor een nabestaande. Om toch een nabestaandenpensioen te verkrijgen, bestaat de mogelijkheid bij uitdiensttreding of op pensioendatum een deel van het ouderdomspensioen in te ruilen voor een nabestaandenpensioen. Bij uitdiensttreding gebeurt deze uitruil automatisch. U kunt hier echter met instemming van uw eventuele partner van afzien.